vak & mens
gezien

Kom op – voor jezelf
Vinden veel mannen onderhandelen een leuk spel, vrouwen zien er vaak tegenop. Dus slepen ze er een minder gunstig salaris uit. In ‘Onderhandel voor jezélf’ (Boom, 2026) opent oud-advocaat Christ’l Dullaert haar gereedschapskist met adviezen.
Tijdens de trainingen die Dullaert gaf aan ervaren vrouwelijke advocaten viel haar iets op: ‘Ze sloten dagelijks de grootste deals, maar als er een akkefietje binnen hun team was, liepen ze in de eerste de beste valkuil. Namens een ander met je vuist op tafel slaan, is wezenlijk anders dan voor jezelf.’ Het is de kern van Dullaerts boek: de kunst om voor jezelf op te komen op de werkvloer. Vooral als vrouw.
Meer assertiviteit tijdens salarisonderhandelingen om de hardnekkige loonkloof tussen vrouwen en mannen te overbruggen. ‘Nee’ leren zeggen tegen ondankbare klussen die jou ongelukkig maken en je carrièrekansen geen goed doen. Tijd winnen door even koffie te gaan zetten voordat je reageert. Het zijn pragmatische en ogenschijnlijk eenvoudige adviezen die Dullaert geeft. Ogenschijnlijk, omdat mensen nu eenmaal de neiging hebben om te vervallen in ongezonde gewoontes. Zoals te graag hulpvaardig willen zijn – ten koste van jezelf.
Dullaert baseert zich op diverse concepten, waarvan de Harvard-methode de belangrijkste is. Bij deze benadering streef je naar een win-winuitkomst, ben je hard op de inhoud en zacht op de persoon en zoek je de belangen die achter elkaars standpunt schuilgaan. Een voorbeeld: toen Dullaert moest onderhandelen met een specialist in de Harvard-methode over het tarief voor zijn optreden was ze te veel gefocust op het specifieke bedrag voor de specifieke klus. De man stelde voor nu zijn lage tarief te rekenen, als hij de volgende keer meer betaald kreeg. Win-win.
Dullaert richt zich primair op de vrouwelijke professional, maar spreekt regelmatig ook mannen aan. Die hebben immers met vergelijkbare issues te kampen. Bovendien kunnen ze helpen om het tij voor vrouwen te doen keren: op het werk en privé. Door deze breed uitwaaierende aanpak schiet het boek wat veel kanten uit. Tegelijk biedt Dullaert de lezer daardoor een veelzijdig palet aan adviezen.

‘Maak de bajes meer humaan’
Maak van de gevangenis een springplank om terug te keren naar de maatschappij, in plaats van ‘de hel op aarde’. Dat bepleit Gerlan den Braber in het boek ‘In de bajes’ (Alfabet, 2026), over zijn ervaringen als gevangenbewaarder. Daar kreeg hij een spoedcursus in het rauwe leven.
‘Je bent nog maar een jochie! Jij bent niets, helemaal niets!’ schreeuwt hij. Zijn piekerige haar staat recht overeind en zijn ingevallen gezicht is bleek van woede.’ Zomaar een confrontatie met een gedetineerde die Den Braber meemaakte toen hij als net afgestudeerd filosoof werkte als gevangenisbewaarder. Zijn opleiding, zijn jonge leeftijd, zijn boy band look, het waren niet de beste papieren voor een vredig bestaan tussen ruige mannen. Toch vindt Den Braber gaandeweg een manier om met de gedetineerden om te gaan – en ze te respecteren.
Wat hem al snel opvalt, is de cynische wijze waarop veel medebewaarders over de gevangenen spreken: ‘Het zit in hun natuur’ of ‘Ze moeten boeten voor hun misdaden’. Den Braber probeert zelf anders aan te kijken tegen gedetineerden en tegen het gevangenissysteem als geheel. Naast de ellende en de neiging om in herhaling te vallen, ziet hij ook de vooruitgang en de potentie van de mannen die hij dagelijks opsluit in hun cel. Zijn opsluiting en straf de beste oplossing, vraagt hij zich steeds meer af. Of heeft het meer zin om gevangenen te ontwikkelen richting een beter bestaan?
Den Braber kiest overtuigd voor het laatste: focus vanaf de eerste dag op re-integratie, door het aanbieden van onderwijs en werk. Help gedetineerden met hun psychische trauma’s, zodat het fundament onder hun gedrag wordt aangepakt. Een ‘softe’ aanpak, realiseert hij zich. Maar wel eentje die werkt, verwijst Den Braber naar de uitkomsten van een reeks internationale onderzoeken. Zo is hij enthousiast over de detentiecultuur in Noorwegen, die humaner is en leidt tot een lagere recidive.

Conscious contracting
Tony’s Chocolonely kwam in 2020 met een kleurrijke onepager als arbeidsovereenkomst. Sindsdien zit de belangstelling voor conscious contracting in de lift.
Veel werkgevers ervaren ongemak bij het versturen van een arbeidsovereenkomst, schrijven Boukje Keijzer (sociaal psycholoog en communicatiewetenschapper) en Monique Vering (HR- en communicatieprofessional) in hun boek Contracten die werken voor mensen – conscious contracting in de praktijk (Van Duuren Management, 2026). De inhoud, vorm en toon sluiten niet aan bij wie zij als organisatie zijn. Het besef groeit dat een arbeidsovereenkomst meer is dan een juridisch document. Het is een mooie manier om je als organisatie te onderscheiden. Een overeenkomst die laat zien wie je bent als organisatie, wat je te bieden hebt en wat je belangrijk vindt in de samenwerking. Dat is waar conscious contracting over gaat. Keijzer en Vering willen met dit boek laten zien dat conscious contracting geen hype of een visueel trucje is, maar een fundamenteel andere manier van kijken naar afspraken. In zes hoofdstukken beschrijven ze wat conscious contracting is en hoe je het implementeert in je organisatie. Een praktische gids met tal van voorbeelden uit de praktijk. Onder meer arbeidsrechtadvocaat Daniël Maats, ook betrokken bij de onepager van Tony’s Chocolonely, komt aan het woord. ‘Het is waardevol om verder te kijken dan alleen juridische kaders en de relatie tussen werkgever en werknemer centraal te stellen. Zo kun je afspraken vormgeven die vertrouwen, gelijkwaardigheid en samenwerking echt ondersteunen.’