vak & mens
advocaat en algoritme
Uber-uitspraak zet zzp‑beleid op losse schroeven
Neemt het hof, na een reeks van uitspraken over schijnzelfstandigheid van platformwerkers, met de Uber-uitspraak een U-bocht?
Op de Uber-app op het telefoonscherm zie je taxichauffeurs als pionnetjes bewegen over de plattegrond van de buurt waar je staat te wachten. Als het druk is, kunnen de pionnetjes zich soms toch weer bedenken en van je vandaan rijden naar een lucratievere rit. Nog vervelender is de ervaring op een ouderwetse taxistandplaats. Je moet de hele rij af om iemand bereid te vinden jou naar je bestemming te brengen. Voor de consument zijn taxi-apps als Uber dus makkelijker. Maar geldt dat ook voor de chauffeurs?
Zeven pionnetjes wonnen eind januari hun hoger beroep tegen vakbond FNV. Had de rechtbank in september 2021 nog geoordeeld dat Uber-chauffeurs eigenlijk werknemers waren, het hof vindt nu dat de arbeidsrelatie per chauffeur moet worden beoordeeld.
‘De chauffeurs zijn blij’, zegt advocaat Judith Schulp, die zeven chauffeurs bijstond die zich aan de zijde van Uber hadden gevoegd. ‘Ze rijden veelal in hun eigen auto, hebben soms ook andere opdrachtgevers en verdienen meer dan een normaal loon. Het hof heeft alle aspecten van het ondernemerschap op waarde geschat en vastgesteld dat het echt ondernemers zijn.’
FNV-raadsman Jan Hein Mastenbroek noemt het arrest ‘een grote stap terug’. ‘Het hof zegt dat de chauffeurs geen homogene groep vormen. Misschien zijn ze dan niet allemaal schijnzelfstandig, maar een flink deel toch wel, denken wij. Het is frustrerend dat we zo niet meer collectief cao-afspraken kunnen handhaven. Veel chauffeurs leasen een auto via Uber en rijden alleen voor Uber. Dat is slecht voor de branche en voor het sociale stelsel.’
De uitspraak heeft wellicht ook consequenties voor andere platformmedewerkers en flexwerkers. Na het Deliveroo-arrest is de Belastingdienst vorig jaar begonnen om weer te controleren op schijnzelfstandigheid. Het aantal zzp’ers liep in 2025 voor het eerst sinds jaren terug, met 62.000. Er is wetgeving in de maak om het arbeidsrecht verder te verduidelijken. Nu lijkt de juridische consensus weer verdampt.
‘Deze uitspraak is niet in strijd met het Deliveroo-arrest,’ nuanceert Jaap van Slooten, advocaat van Uber en hoogleraar arbeidsrecht. ‘Dezelfde criteria zijn toegepast, maar met een andere uitkomst. Het hof kijkt naar alle omstandigheden van elk geval. De chauffeurs zijn op meerdere punten anders dan maaltijdbezorgers.’ Hij verwacht wel dat de uitspraak gevolgen krijgt voor de fiscus. ‘Die zal meer moeite moeten doen om opdrachtgevers goed te controleren en vast te stellen of ze zich aan de loonbelasting hebben gehouden. Je kunt niet zeggen: ik zie hier iemand die lijkt op een schijnzelfstandige. Je moet het op individuele basis bekijken. Relevant is ook of iemand meer opdrachtgevers heeft. Hoe kun je dat als opdrachtgever weten? Voor de Belastingdienst wordt het lastiger om een opdrachtgever daarop aan te spreken.’
Ondertussen is er nieuwe wetgeving op dit terrein in de maak, zoals de Zelfstandigenwet en de implementatie van de Platform-richtlijn. ‘Die implementatie bevat een rechtsvermoeden bestaande uit enkele criteria of iemand wordt vermoed een werknemer te zijn. De Uber-uitspraak is daarmee niet in strijd.’
FNV laat weten door te willen strijden voor de chauffeurs. ‘Een collectieve actie via de WAMCA duurt te lang,’ zegt Mastenbroek, ‘en deze route is nu ook doodgelopen. Het ligt voor de hand om voor meer homogene groepen chauffeurs een nieuwe poging te doen.’
De komende jaren kunnen de chauffeurs dus als eenpitters verder rijden. Ze hebben momenteel wellicht andere zorgen: de hoge brandstofprijzen die ze als kleine zelfstandigen moeten zien terug te verdienen.