vak & mens cover

Spraakmakende zaken

Traditiegetrouw blikt het Advocatenblad in december terug op de spraakmakende zaken van het voorbije jaar. In elk rechtsgebied belichten we één specifieke rechtszaak, aan de hand van een betrokken advocaat. Twaalf andere uitspraken worden kort vermeld.


De zaak-Ter Apel

De voortdurende overbezetting in het aanmeldcentrum Ter Apel leidde tot een juridische strijd tussen de gemeente Westerwolde en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Tot twee keer toe legde de kortgeding­rechter het COA een dwangsom op omdat er te veel asielzoekers in het centrum verbleven.

Advocaat overheids­privaat­recht Elmer van der Kamp (TRIP Advocaten Notarissen) stond in beide kort gedingen de gemeente Wester­wolde bij, waar Ter Apel onder valt. ‘Het komt niet vaak voor dat in een civiele procedure aan een overheid een dwangsom wordt opgelegd. Bovendien lossen overheden die het onderling niet eens zijn dat doorgaans in bestuurlijke overleggen op. Dat is hier natuurlijk ook geprobeerd; er is veel overleg geweest. Maar het leidde uiteindelijk nergens toe, want Ter Apel bleef overbezet.’

Overbezetting

In januari diende het eerste kort geding. Burgemeester Jaap Velema van Wester­wolde reageerde tijdens de rechtszaak geëmotioneerd op de situatie in Ter Apel. Van der Kamp: ‘Als je te veel mensen bij elkaar op een locatie zet – er geldt in Ter Apel een maximum van 2.000 asielzoekers – geeft dat spanningen. Medewerkers moesten dagelijks alle zeilen bijzetten om de overbezetting te managen.’

De rechter legde – nota bene op de dag dat de Eerste Kamer over de Spreidingswet stemde – het COA een dwangsom op van 15.000 euro per dag met een maximum van 1,5 miljoen euro. Op 11 juni was deze boete volledig verbeurd. ‘De gemeente Wester­wolde zag dat de mensen bij het COA hard hun best deden om de opvang in goede banen te leiden, maar de afspraken werden nog steeds niet nageleefd. De druk op Ter Apel bleef onevenredig hoog.

Bovendien was er onduidelijkheid over het aantal asielzoekers. Overdag verbleven meer dan 2.000 mensen in Ter Apel. In de avond verplaatste het COA die mensen met bussen naar een nachtopvang elders in het land. En ’s morgens kwamen ze weer terug. Het COA stelde dat hiermee aan het maximum van 2.000 werd voldaan, maar opvang is meer dan alleen een slaapplek.’

Tweede kort geding

Een tweede kort geding werd in oktober gevoerd. De rechter legde het COA, dat werd bijgestaan door advocaten Aemile van Rappard en Djamilla Wijnen (Pels Rijcken), een aanzienlijk hogere dwangsom op van 50.000 euro per dag met een maximum van 5 miljoen euro. Ook moet het COA zich houden aan de maximale bezetting van 2.000 mensen in Ter Apel, dag én nacht.

Volgens Van der Kamp waren de juridische mogelijkheden en kaders in beide kort gedingen duidelijk, maar ook beperkt. ‘Ik heb mij vooraf wel wat vragen gesteld. Hoe moet ik de bestuurs­overeenkomst duiden? Hoe zit het met de bevoegdheid van de civiele rechter?’ Bij een dergelijke dwangsom gaat het geld van de ene overheid (het ministerie van Justitie en Veiligheid, waaronder het COA valt) naar de andere overheid (de gemeente Westerwolde). Een geval broekzak-vestzak? Van der Kamp: ‘Een dwangsom was het enige reële dwangmiddel. Lijfsdwang was natuurlijk geen optie. Het was een uitdaging om de kortgeding­rechter te overtuigen van de noodzaak van een financiële prikkel.’

‘Het was een uitdaging de kortgeding­rechter te overtuigen van de noodzaak van een financiële prikkel’

De advocaat kijkt terug op twee succesvolle zaken, maar of hiermee het opvangprobleem is opgelost, blijft de vraag. ‘Het COA heeft structureel behoefte aan meer opvangcapaciteit dan er nu is. De kans bestaat dat de Spreidingswet wordt ingetrokken. Minister Marjolein Faber richt zich op het inperken van de instroom van asielzoekers. Dat kan op termijn helpen, maar er zijn in Nederland circa 90.000 mensen die opvang nodig hebben van wie er zo’n 17.000 moeten doorstromen naar huisvesting bij gemeenten. We hopen dat het effect van het kort geding tegen het COA verder reikt dan alleen de situatie in Ter Apel.’

Het COA heeft inmiddels laten weten in hoger beroep te gaan, omdat het vonnis de organisatie op ‘onnodige en te voorkomen kosten’ drijft.


Zaak-Paleis Soestdijk

De Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State zette in januari een streep door het bestemmingsplan van de gemeente Baarn voor Paleis Soestdijk. Het plan omvatte de grootschalige restauratie van het paleis, inclusief de bouw van 98 woningen en een hotel. Dit plan ging van tafel vanwege gebreken in de verkeersafwikkeling en -veiligheid bij evenementen, de effecten van stikstofuitstoot op Natura 2000-gebieden en omdat het in strijd was met de bepalingen uit de provinciale omgevingsverordening. De gemeente Baarn kan de herontwikkeling van het paleis nog steeds mogelijk maken, maar moet dan wel rekening houden met de uitspraak.


Nieuwe DNA-technieken

Jan S. werd in februari door de rechtbank Zeeland-West-Brabant veroordeeld tot levens­lang voor de moord op Robert Sengers in 2004. Sengers, een Eindhovense crimineel, werd van dichtbij doodgeschoten in zijn auto op een parkeerplaats in Esbeek. Getuigen zagen de dader na de moord wegrijden op een scooter die enkele dagen later werd gevonden. Destijds leverden DNA-sporen geen resultaat op. De zaak werd in 2018 heropend, waarbij nieuwe DNA-technieken zorgden voor een match met Jan S., die toen al een celstraf van achttien jaar uitzat voor een liquidatie in 2002. S. en zijn advocaat Jules van Wijk zijn in hoger beroep gegaan.


Moedermelk­vergiftiging

De 37-jarige Sara V. uit Utrecht werd in maart veroordeeld tot elf jaar cel voor poging tot moord en zware mishandeling van haar dochter door moedermelk te verdunnen en te manipuleren met loperamide. De prematuur geboren baby ontwikkelde ernstige gezondheidsproblemen. Artsen vonden hoge concentraties van het middel in de melk. Sara V., zelf arts, verklaarde loperamide te gebruiken tegen diarree door een auto-immuunziekte waardoor het in de melk terecht zou zijn gekomen. Hoewel er discussie over was, concludeerde de rechtbank dat de hoeveelheid niet door inname kon ontstaan. De situatie van haar zoon, die kampte met lichamelijke klachten, is ook onderzocht. De vrouw, bijgestaan door advocaat Sophie Sassen, is vrijgesproken van zware mishandeling van haar zoon. Hoger beroep loopt nog.


Bankrekening coffee­shop

Het gerechtshof Arnhem bepaalde in maart in een kort geding dat de SNS Bank verplicht is een coffee­shop­houder een zakelijke rekening aan te bieden. De coffee­shop­houder gebruikte zijn privérekening voor zakelijke doeleinden omdat de SNS Bank, bijgestaan door advocaat Miranda Lambie, geen coffeeshop als klant wilde. Het hof oordeelde dat zonder een betaalrekening een bedrijf niet goed kan functio­neren, ondanks de mogelijkheid voor banken om klanten te weigeren vanwege integriteits­risico’s. In dit geval woog het belang van de coffee­shop­houder zwaarder, vooral omdat zijn onder­neming anders zou moeten sluiten en personeel ontslagen zou worden. De coffee­shop­houder werd bijgestaan door advocaat Rikkert Hoff.


Privacy­bescherming telefoon

Het doorzoeken van een mobiele telefoon op foto’s van identiteits­documenten zonder toestemming van een in bewaring gestelde vreemdeling is niet toegestaan, stelde de Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State in april. Een Mongoolse vrouw weigerde haar telefoon te ontgrendelen, waarna een ambtenaar van de Afdeling Vreemdelingen­politie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) dit deed via gezichts­herkenning. Op de telefoon werden geen identiteits­documenten gevonden.

Hoewel de Vreemdelingen­wet 2000 toestaat om telefoons te doorzoeken, bevatten moderne telefoons veel meer persoons­gegevens dan bij de invoering van deze wet. De vrouw werd bijgestaan door advocaat Robert Seth Paul, de staat door advocaat Lars Groeneveld.


Zaak-Sander Dekker

In juni sprak de rechtbank Den Haag een 44-jarige vrouw vrij van het veroorzaken van een verkeersongeval waarbij oud-minister voor Rechts­bescherming Sander Dekker zwaargewond raakte. Dekker viel op het Schelpenpad in Monster van zijn fiets nadat de wandelende vrouw een afwerend gebaar had gemaakt omdat ze vond dat de wielrenners te hard reden (38 km/u). De rechtbank oordeelde dat niet bewezen kon worden dat de vrouw, die werd bijgestaan door advocaat Peter Spaargaren, de oud-minister opzettelijk letsel heeft toegebracht. Ook kon niet bewezen worden dat de vrouw aanmerkelijk onvoorzichtig of onoplettend heeft gehandeld. Het Openbaar Ministerie is in hoger beroep gegaan.


De kwijt­schel­dings­zaak

Utrecht wilde ruimere vermogens­normen toestaan voor de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, maar daar zette de Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State in september een streep door. Inkomensbeleid ligt bij het Rijk, niet bij de gemeenten.

‘Het proces ging over de vraag of de stad Utrecht haar inwoners met een laag inkomen méér mag ontzien bij het betalen van gemeentelijke belastingen dan andere gemeenten,’ vertelt staats- en bestuursrechtadvocaat Irene van der Heijden (Pels Rijcken), die de Kroon bijstond. Iedere inwoner van een Nederlandse gemeente betaalt afvalstoffen- en rioolheffing of hondenbelasting. Mensen met een laag inkomen kunnen een beroep doen op kwijtschelding van deze gemeentelijke belastingen. Daarbij wordt ook gekeken naar het eigen vermogen van de aanvragers: je mag een klein spaarpotje hebben, binnen een door het Rijk vastgestelde bandbreedte. In Utrecht is dat circa 3.275 euro spaargeld voor alleenstaanden en ongeveer 4.350 euro voor echtparen.

Mogelijk­heden Participatie­wet

De Utrechtse gemeenteraad, aangespoord door de fracties van de PvdA en GroenLinks, verhoogde vorig jaar de vermogens­grens tot ongeveer het drievoudige en wijzigde de Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen. De stad liet zich hierbij inspireren door de mogelijkheden die de Participatiewet biedt. Voormalig minister Hugo de Jonge (Binnenlandse Zaken en Koninkrijks­relaties) greep in. ‘De gemeente Utrecht heeft er, zo was onze indruk, bewust voor gekozen om in strijd met de landelijke regels afwijkende regels vast te stellen. Er is dus ingecalculeerd dat er kon worden ingegrepen en dat het tot een procedure zou komen.’ De gemeente Utrecht werd bijgestaan door de advocaten Ali al Khatib en Willemijn de Widt (Stibbe).

De Raad van State gaf de Kroon op alle punten gelijk. ‘Als wij hadden verloren en de verordening in stand was gebleven, dan hadden veel meer inwoners van Utrecht kwijtschelding kunnen krijgen van de lokale belastingen. Dat had hen een gunstiger regime gegeven dan inwoners van andere Nederlandse gemeenten. Het is juridisch niet mogelijk en leidt bovendien tot rechtsongelijkheid als er voor de inwoners van Utrecht een uitzonderingspositie zou bestaan vergeleken met de rest van Nederland. Dat komt neer op het voeren van inkomensbeleid. Dat is geen gemeentelijke aangelegenheid, maar een zaak van het Rijk.’

Bovendien speelt in Den Haag een politieke discussie over de hoogte van een financiële buffer voor mensen met een inkomen op bijstandsniveau. De Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State is van mening dat zij niet vooruit mag lopen op de keuzes die door de landelijke wetgever moeten worden gemaakt.

‘Deze zaak bevestigt dat je niet wint door alleen juridische argumenten uit te wisselen’

Lokale autonomie

Van der Heijden: ‘Deze zaak heeft ons bevestigd dat je niet wint door alleen juridische argumenten uit te wisselen; je moet ook scherp zijn op de belangrijke feiten en omstandig­heden. We hebben bijvoorbeeld heel precies uitgelegd hoe het zit en tot wanneer je eigenlijk kwijtschelding kunt verlenen en wanneer niet. Ook zijn er andere manieren en alternatieven om burgers tegemoet te komen, zoals bijzondere bijstand of de mogelijkheid om gemeentelijke belastingen geheel of gedeeltelijk oninbaar te verklaren.

Hoewel we het juridisch gelijk aan onze zijde hadden, was de zaak zeker geen appeltje-eitje. We moesten goed uitleggen waarom de regering had besloten in te grijpen en dat verhaal duidelijk naar voren brengen. Het ging er niet om dat Utrecht haar burgers niet tegemoet kan komen, maar dat dit wel op een juridisch juiste manier moet gebeuren, binnen de geldende kaders.’ Voor Van der Heijden, die zich bijgestaan wist door kantoor­genoot advocaat Bob Jaasma, was het de eerste keer dat ze de Kroon vertegenwoordigde. ‘Het komt zelden voor dat een regeringsbesluit ingrijpt in de lokale autonomie. Nog uitzonderlijker is dat erover wordt geprocedeerd. Het was in alle opzichten een unieke zaak.’


Mikael en zijn moeder

De elfjarige Mikael en zijn moeder mogen niet in Nederland blijven, oordeelde de Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State in juli. Mikaels moeder kwam in 2010 vanuit Armenië naar Nederland, maar haar asielaanvraag werd afgewezen. Mikael vroeg daarop een verblijfs­vergunning aan via de Afsluitingsregeling, bedoeld om kinderen die al jaren in Nederland wonen onder strikte voorwaarden een verblijfs­vergunning te geven. De Raad van State oordeelde echter dat Mikael en zijn moeder, bijgestaan door advocaat Mary Grigorjan, te lang uit beeld waren geweest bij instanties. In augustus vroegen ze via Mikaels vader, met een voorlopige verblijfs­vergunning, opnieuw verblijf aan op basis van Europees recht op gezinsleven. Nieuwe advocaten zijn Dora Brouwer en Flip Schüller.


Familieband en belasting­tarief

De Hoge Raad oordeelde in september dat juridische erkenning van een ouder nood­zakelijk is om de tariefgroep en de vrijstelling voor erfbelasting te bepalen. De zaak betrof een man (1996) die nooit door zijn biologische vader wettelijk werd erkend, maar regelmatig contact met hem had (‘family life’). Hij is erkend en opgevoed door de nieuwe partner van zijn moeder. Na het overlijden van zijn biologische vader erfde de man bij testament een geldsom. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat hij als bloedverwant van zijn biologische vader recht had op het gunstigere erfbelasting­tarief en de kindvrijstelling (discriminatie op basis van afstamming). De Hoge Raad verwierp dit standpunt. De man werd bijgestaan door advocaten Ruben Wiegerink en Jelle Kloosterman.


Groen licht voor project ViA15

Na zeven jaar juridische strijd werd het tracébesluit A12/A15 in oktober definitief goedgekeurd door de Afdeling bestuurs­rechtspraak van de Raad van State. Het project genaamd ViA15 maakt de verlenging van de A15 in de regio Arnhem en de verbreding van de A12 en A15 mogelijk. Drie tussenuitspraken waren hiervoor nodig, vooral vanwege zorgen over de toename van stikstofneerslag op beschermde natuurgebieden. Eerdere tussenuitspraken focusten op stikstofeffecten en de berekeningsafstand. De minister overtuigde echter met een nadere motivering dat de stikstofneerslag in de betrokken gebieden tot 2030 verder zal dalen.


Massaclaim Vattenfall

De rechtbank Amsterdam oordeelde in oktober dat energiemaatschappij Vattenfall een kilowatt­vergoeding mocht rekenen aan duizenden zakelijke klanten. Stichting NUON-Claim, vertegenwoordigd door advocaat Quirijn Bongaerts, had een procedure aangespannen tegen Vattenfall, voorheen Nuon. De stichting stelde dat de energiemaatschappij te veel kosten in rekening bracht bij zakelijke en non-profitklanten met een relatief sterke elektriciteits­aansluiting (voor grootverbruik). Volgens de rechter mocht Vattenfall, bijgestaan door advocaat Hilde van der Baan, deze kosten in rekening brengen en was er geen sprake van misleiding. Kleine ondernemers hebben immers in de geliberaliseerde markt de vrijheid zelf contracten te beoordelen en te kiezen. De stichting overweegt hoger beroep.


Gino

De rechtbank Maastricht veroordeelde in november Donny M. tot 25 jaar cel en tbs met dwang­verpleging. Hij is volgens de rechtbank verantwoordelijk voor het ontvoeren, seksueel misbruiken en vermoorden van de 9-jarige Gino van der Straeten. Gino verdween op 1 juni 2022 in Kerkrade toen hij aan het voetballen was. Hij werd drie dagen later dood teruggevonden. Deskundigen stelden een ernstige persoonlijk­heids­stoornis en een pedofiele stoornis bij Donny M. vast, maar achten hem grotendeels toerekenings­vatbaar. Nabestaanden van Gino krijgen €163.000 schade­vergoeding. Donny M. werd bijgestaan door advocaten Sjanneke de Crom, Maikel Horsch en Tommy Straten.


Klimaateis Shell

Shell is niet verplicht zijn CO2-uitstoot met 45 procent te verminderen zoals Milieu­defensie eiste. Met dit vonnis uit november vernietigde het gerechtshof in Den Haag een uitspraak uit 2019. Volgens het hof is een concrete verplichting zinloos, omdat concurrenten Shells werk zouden overnemen en het onduidelijk is of dit effectief bijdraagt aan het tegengaan van klimaat­verandering. Shell heeft de verant­woordelijk­heid om uitstoot te verminderen, maar het hof stelt dat dit niet vertaald kan worden naar een specifiek percentage. De oliegigant werd bijgestaan door advocaat Daan Lunsingh Scheurleer. Advocaat Roger Cox stond Milieu­defensie bij.


De zaak-Ali B.

De zaak tegen Ali B. bracht afgelopen zomer de nodige onverwachte wendingen en media-aandacht. De rapper kreeg twee jaar cel voor verkrachting en poging tot verkrachting van twee vrouwen. Hij werd vrijgesproken van twee aanrandingen. Zowel het Openbaar Ministerie als Ali B. en zijn advocaat Bart Swier (VVS Advocaten) gingen in hoger beroep.

De rechtszaak tegen Ali B. volgde op beschuldigingen van seksueel grens­over­schrijdend gedrag die tweeënhalf jaar geleden werden onthuld in het tv-programma BOOS. Het proces in de rechtbank Noord-Holland verliep onstuimig. ‘Op basis van wat de media hadden bericht over wat mijn cliënt de eerste zittingsdag had verteld, meldde zich een nieuwe getuige bij de politie,’ vertelt Bart Swier. ‘Ik werd hierover ’s avonds om tien uur gemaild door het OM en heb die nacht weinig geslapen.’

Ridouan Taghi

‘Op de derde dag van het strafproces in juli verklaarde slachtoffer­advocaat Ruth Jager, die Ellen ten Damme bijstond, dat ze was gebeld door Michael Ruperti, advocaat van Ridouan Taghi. Ruperti had op verzoek van de rapper contact opgenomen met Jager. Grofweg gezegd stelde Jager dat ze door Ruperti onder druk was gezet om Ellen ten Damme haar verklaring te laten intrekken, maar hij had geen rol in het strafproces.

Ik werd onaangenaam overvallen, ik wist niets van enig contact tussen mijn cliënt en Ruperti, laat staan van de suggestie dat Jager onder druk zou zijn gezet. Hierdoor leek ik er ook bij betrokken. Echt waanzin. Ali B. en Ruperti vertelden mij na die zittingsdag dat Ruperti enkel bij Jager, als oud-kantoor­genoot, had geïnformeerd over mijn mediationverzoek tussen Ali B. en Ellen ten Damme. Jager legde ter zitting een tendentieuze verklaring af waardoor het leek alsof Ali B. niet kon accepteren dat Ten Damme geen mediation wilde. Volslagen onzin want Ali B. wist toen nog niet dat Ten Damme geen mediation wilde. En passant gooide Jager Ruperti volkomen onverwacht voor de hele Nederlandse pers voor de bus.’

Advocaat Ruth Jager laat in een reactie weten:

‘Deze zaak draait om ernstig seksueel geweld tegen meerdere slachtoffers. De spreekrecht­verklaring van mijn cliënt is veel genuanceerder dan Bart Swier hier “grofweg” stelt en zeker niet tendentieus. Michael Ruperti heeft het telefoon­gesprek waar ik naar heb verwezen in een schriftelijke verklaring bevestigd. Hij heeft bovendien erkend dat hij zich onvoldoende heeft gerealiseerd dat zijn verzoek intimiderend op mijn cliënte over kon komen. Daarmee is voor mij en voor mijn cliënte de kous af.’

Want de strafzaak trok veel media-aandacht. ‘Ik had de verwachting dat er veel pers op de zaak zou afkomen, maar dat ieder snippertje nieuws opleverde, vond ik niet prettig. Ik kwam nauwelijks aan het schrijven van mijn pleitnota toe omdat ik continu werd gebeld door journalisten. Het leek ons daarom een goed idee dat advocaat Natacha Harlequin de publiciteit op zich zou nemen.’

Hoewel de aanstelling van Harlequin bedoeld was om de media-aandacht te structureren, veroorzaakte haar opmerking bij Shownieuws dat er tijdens de rechtszaak een bom zou barsten juist voor extra publiciteit. ‘Op basis van wat ze had gelezen in het dossier vond ze dat Ali B. zo sterk stond dat het een heel ander licht op de zaak zou werpen. Het was natuurlijk niet de bedoeling dat haar bijstand juist weer nieuwe publiciteit zou genereren.’

‘Als ik kritische noten plaats bij de betrouw­baar­heid van verklaringen van aangeefsters, krijg ik direct het verwijt van victim blaming

Victim blaming

Het OM eiste drie jaar gevangenisstraf, Swier pleitte voor vrijspraak. ‘We wisten dat het alles of niets zou worden, dus ik was niet blij met de uitkomst. Er waait tegenwoordig een andere wind waarbij aangeefsters per definitie lijken te worden geloofd door rechters. Als ik als advocaat kritische noten plaats bij de betrouwbaarheid van verklaringen van aangeefsters krijg ik direct van slachtofferadvocaten het verwijt van victim blaming. Ik vind dat belastend en onterecht omdat ik fatsoenlijk en professioneel mijn werk doe en altijd rekening probeer te houden met slachtoffers.’

Wanneer het hoger beroep tegen Ali B. dient, is nog niet bekend. ‘Er is naar mijn mening onvoldoende bewijs voor een verkrachting of poging tot verkrachting. We hebben onze onderzoekswensen ingediend en ik ga kijken wat ik nog beter of scherper kan formuleren. Ik was niet zo onder de indruk van de bewijsvoering van de rechtbank en ik vind nog steeds dat we juridisch een heel sterke zaak hebben.’