citaat
‘Eigenlijk vind ik dat de jonge generatie het beter moet doen dat mijn generatie. Ik overdrijf een beetje, maar mijn generatie heeft er een puinhoop van gemaakt. Ik hoop dat de jonge generatie advocaten, rechters en officieren van justitie meer aandacht heeft voor de mens, of het nu gaat om verdachten, getuigen, slachtoffers of nabestaanden, en wegblijft bij simplificaties, als dat je met harder straffen problemen oplost.’
De zieke strafrechtadvocaat en hoogleraar Stijn Franken blikt in de talkshow Eva terug op zijn loopbaan.
tuchtcast
Passend en geboden
Luister naar de vijftiende aflevering van de podcast Passend en geboden.

In de maandelijkse podcast Passend en geboden bespreekt presentator Hidde Bruinsma tuchtuitspraken met advocaten Tjitske Cieremans en Robert Sanders.
In deze aflevering:
- Het is niet verplicht een nieuwe cliënt te melden dat er een tuchtprocedure loopt.
- Een belastende verklaring geldt niet zomaar als onnodig grievend.
- Het tuchtrecht houdt voor een Nederlandse Rechtsanwalt niet op bij de grens.
- Een Spaanse ‘abogado’ mag zich in Nederland geen advocaat noemen.
- Vertrouwelijke informatie uit schikkingsonderhandelingen gebruiken in een procedure, dat mag nog altijd niet.
De ‘tuchtcast’ Passend en geboden is te beluisteren via Spotify, Apple Podcast en via de website van het Advocatenblad.
column
Sterft de sociaal advocaat uit?
De idealistisch ingestelde advocaat die rechtzoekenden met een beperkte portemonnee van rechtsbijstand voorziet, dreigt uit te sterven. Dat is al zo lang ik mij kan herinneren het geval.
Toen ik ruim 25 jaar geleden in de advocatuur begon, waren de toevoegingsvergoedingen beperkt. Hard werken voor weinig omzet en inkomen. Dat vormde in die tijd geen belemmering voor de stagiair die bij een sociaal kantoor startte. De maatschappij was in die tijd saamhoriger (en goedkoper) dan nu.
Mettertijd stegen de vergoedingen wat. Die groei stagneerde in de laatste economische crisis. Vergoedingen werden bevroren. Harde bezuinigingsmaatregelen dreigden. Sociaal advocatenkantoren sneden noodgedwongen in overheadkosten. Het bleek niet genoeg om het hoofd boven water te houden. De kwaliteit van de dienstverlening kwam onder druk te staan.
Advocatenprotesten volgden, waarna de politiek zwichtte met een financiële impuls in de sociale advocatuur. Vergoedingen gingen omhoog. En er kwam een subsidieregeling die de kosten van de beroepsopleiding dekt.
Toch wordt het voortbestaan van de sociale advocatuur nog altijd bedreigd. Er stromen te weinig nieuwe advocaten in dit onderdeel van de advocatuur.
Hoe kan dat?
Onze samenleving is complexer geworden. Procedures om die reden ook. De forfaitaire vergoedingen zijn voor een aantal rechtsgebieden nog steeds veel te laag.
De kosten van het uitoefenen van ons vak zijn tegelijkertijd niet mals.
Een stagiair begeleiden is tijdrovend. In de sociale advocatuur is die tijd lang niet allemaal declarabel. Als stagiair mag je in het begin van de stage veel zaken niet zelfstandig op toevoeging doen. Een stagiair aannemen is voor sociaal advocatenkantoren nog altijd een aardige investering. Dat moet je willen en kunnen.
Daar komt bij dat de sociaal advocaat mikpunt kan zijn van ernstige bedreigingen. Ofwel uit criminele kringen, ofwel omdat een klant of een wederpartij zich botviert op de advocaat. Waarom zou je je daaraan blootstellen?
Politiek Den Haag moet zich realiseren dat ruim een derde van onze bevolking qua inkomensniveau onder de toevoegingsgrens leeft. Zonder voldoende sociaal advocaten kunnen geschillen niet meer in de rechtszaal worden beslecht. Er is een forse, permanente, financiële impuls nodig om voor iedere burger de toegang tot het recht te waarborgen.
Ik verkeer niet in de illusie dat de sociale advocatuur de komende 25 jaar in rustig vaarwater zal komen. Maar met voldoende spek op het bot overleven we.