vak & mens

gezien

Facilitator

In 2005 werd fiscaal advocaat en consigliere Evert Hingst vermoord. De Amsterdamse Bregje Bleeker maakt in Criminaliteit voor ons soort mensen (2024, Atlas Contact) het ‘buitengewoon grote maatschappelijke probleem’ witte­boorden­criminaliteit inzichtelijk aan de hand van zijn leven en dood.

Toen Bleeker erover sprak met rechercheurs was hun boodschap: maak vooral duidelijk dat de moord op Hingst van een heel andere orde is dan de moord op Derk Wiersum. Waar Wiersum tot zijn dood in 2019 een gewaardeerd strafpleiter was, verliep de carrière van Hingst wel anders.

De auteur benadrukt dat Hingst niet per ongeluk afgleed naar de criminaliteit, integendeel. Tijdens zijn studententijd woonde Hingst boven (en kwam hij regelmatig in) coffeeshop Betty Boop, ‘huiskamer’ van de Groep. Mink Kok, Stanley Hillis en Jan Femer vormden de leiding van wat destijds de grootste criminele organisatie van Nederland was. ‘Evert was iemand die daar graag tegenaan wilde schuren.’ Bleeker kan daarover (tot op zekere hoogte) meepraten. Ze is tevens auteur van De Walrus (2007), een op feiten gebaseerde roman over haar leven als gangsterliefje in de jaren negentig.

Hingst was geen advocaat meer toen hij werd vermoord. Vier maanden daarvoor liet hij zich, na een gesprek met de deken, ‘vrijwillig’ van het tableau schrappen. Ten tijde van de liquidatie liep een strafonderzoek naar hem in verband met fraude en witwassen.

De moord op Hingst is nooit opgelost. Wel meent Bleeker een aantal voor de hand liggende verdachten te kunnen uitsluiten. Onder anderen John Mieremet, Willem Holleeder, Dino Soerel en Mink Kok vallen af. Wie overblijft? Stanley Hillis, door Hingst omschreven als vaderfiguur. Onweerlegbaar bewijs heeft Bleeker niet kunnen vinden. ‘Maar zijn naam werd bijzonder vaak genoemd en, opvallend, door niemand uitgesloten.’

De bewakingscamera van Hillis, tevens de buurman van Hingst, filmde de moord op de advocaat die voor zijn woning werd neergeschoten. De recherche nam de beelden direct in beslag. Iedereen vroeg zich af wat erop stond, schrijft Bleeker, maar was dat wel de juiste vraag? ‘Er was immers maar één iemand die gezeten in een luie stoel de beelden terug­spoelend Everts bewegingen gedurende een langere periode heeft kunnen volgen, telkens vanaf het moment dat hij zijn huis naderde.’ Hillis zelf kan er niets over zeggen, hij werd in 2011 vermoord.

Bleeker omschrijft Hingst als een ‘facilitator’. Ze trekt de ‘voorzichtige conclusie’ dat Nederlandse facilitators, zoals fiscalisten, vooral werken voor grote multinationals. Ze helpen bedrijven én de top van de internationale misdaad bij belastingontduiking of ‑ontwijking – vooral vanuit de Zuidas. Evert Hingst, maar ook frauderend notaris Frank Oranje, worden volgens de auteur (onterecht) gezien als opzichzelfstaande gevallen, uitzonderingen. ‘Zo zien we criminaliteit van ons soort mensen nog steeds graag.’

Criminaliteit voor ons soort mensen is geen theoretisch verhaal over fiscaal bewijsmateriaal en ingewikkelde financiële constructies. Het boek leest als een roman en neemt de lezer mee in de motieven en handelingen van de geliquideerde advocaat. Maar het gaat ook in op het spanningsveld tussen partijdigheid en onafhankelijkheid van advocaten – en toont de volgens Bleeker heersende cultuur van wegkijken en goedpraten. ‘Wat ze deden werd (en wordt?) zelfs normaal gevonden, gedrags­regels werden (en worden?) genegeerd en ook dat leek eigenlijk niemand te interesseren. Toch ook wel schokkend is om te ervaren hoe de beroepsgroep zelf denkt over wat juist is en wat fout.’


meesterlijke podcasts

Verkeerde afslag

In de podcast Veroordeeld (Corti Media) probeert strafpleiter Veerle Hammerstein inzichtelijk te maken hoe iemand komt tot een strafbaar feit.

Kleeft het stempel ‘veroordeeld’ altijd aan je, ook na het uitzitten van je straf? En waarom neemt iemand die ene verkeerde afslag in het leven? Om die vragen beantwoord te krijgen, gaan Hammerstein (Van Gessel Advocaten) en podcastmaker Lauren Fabels in gesprek met veroordeelden. Inmiddels staan er acht afleveringen online.

Aflevering 5 draait om Oswaldo, die op jonge leeftijd vanuit Colombia werd geadopteerd door een Nederlands stel. Hij vertelt hoe vreemd het was om als ‘donker kind in een blank gezin’ in een dorp onder de rook van Alkmaar te belanden. Oswaldo voelde zich een buitenstaander in zijn warme adoptiegezin. ‘Hoe meer liefde je mij toonde, hoe opstandiger ik werd.’ Op zijn elfde liep hij weg, pakte de trein naar Amsterdam en zwierf rond in het Red Light District. Hij dealde voor het eerst drugs – de start van zijn criminele carrière.

Uiteindelijk stak hij twee personen neer in Apeldoorn. ‘Op dat moment dacht ik: het is zij of ik. Ik heb liever dat de moeder van een onbekende huilt, dan een van onze moeders.’ In 2004 werd hij veroordeeld tot een gevangenisstraf van 36 maanden en tbs met dwang­verpleging. De behandeling duurde negenenhalf jaar.

Oswaldo’s levensloop is relevant, maar mag bondiger. De podcast duurt een uur. Juridische takeaways: tbs heeft een slecht imago, terwijl het recidivepercentage lager ligt dan bij ‘gewone’ gedetineerden. De rechtbank kan problematiek na een adoptie meewegen bij de strafmaat en de toerekenbaarheid.