vak & mens

het verschil

Tafellaken én servet

Zelf zegt Hogan Lovells het beste van twee werelden te zijn. Betrekkelijk klein voor Zuidas-begrippen, maar onderdeel van een wereldwijde advocatenreus.

‘De mensen’ is het antwoord van ondernemingsrechtpartner Danielle du Bois-Buné (40) op de vraag naar het verschil dat Hogan Lovells maakt ten opzichte van andere advocatenkantoren. Ze weet dat elk kantoor dat zal zeggen, maar kan het toelichten: ‘We zijn een global firm met oog voor de empowerment van jonge partners. Er is veel ruimte voor entrepreneurship, heb je een plan, go for it, dat wordt altijd gestimuleerd. In de internationale board zit een partner die specifiek de belangen van de partners onder de 45 jaar behartigt, en leidinggevende functies worden niet enkel bekleed door senior-partners, maar vaak in duovorm met een junior-partner.’ Collega Karen Jelsma (40) voegt eraan toe: ‘Ik heb een jaar bij een ander kantoor gewerkt en ben toen snel weer teruggekomen. Dit is een kleiner kantoor, maar het voelt groot, vanwege het buitenlandse netwerk. Dat miste ik.’ Jelsma werkt ook altijd internationaal, eerst in product­aansprakelijk­heids­zaken, en is nu gespecialiseerd in regulatory. ‘Ik adviseer cliënten aan welke regels voor bijvoorbeeld gevaarlijke stoffen ze moeten voldoen om een product in Europa op de markt te brengen.’

Hogan Lovells
  • Wie:60 advocaten in Amsterdam, 2600 wereldwijd.
  • Waar:45 landen.
  • Hoe:‘Global law firm solving complex legal issues.’

Ook banking en finance-collega Jan-Willem Boer (31) koos zes jaar geleden voor Hogan Lovells vanwege het buitenlandse netwerk, vertelt hij. Recent werkte hij een halfjaar vanuit Londen. ‘Voor banking and finance is Londen de plek, de financiële sector is er zoveel groter, ook na brexit nog. Ik kon volop meedraaien in het Engelse werk, want voor bijvoorbeeld het vastleggen van de commerciële afspraken hoef je geen Engels recht te hebben gestudeerd.’

De samenwerking met buitenlandse collega’s komt in alle gesprekken op het kantoor aan de Amsterdamse Zuidas terug. Du Bois-Buné: ‘Je werkt het prettigst met je eigen collega’s in het buitenland. De transacties waar ik aan werk, hebben vrijwel allemaal een internationale component.’ Ze beschrijft een geruchtmakende transactie waarin ze een leeg investeringsfonds (een Spac) bijstonden in een fusie met digitaal entertainmentbedrijf Azerion, met een ondernemingswaarde van 1,3 miljard euro. ‘Dit was de tweede keer in Nederland dat een zogenoemde de-Spac succesvol werd uitgevoerd. We werkten met een team uit Amsterdam en Londen, een project van een halfjaar. En voor het due diligence-onderzoek konden we voor de gaming-specifieke onderdelen leunen op de kennis van onze internationale sectorspecialisten.’

Groene transitie

Op de site van het kantoor staat prominent het kopje ‘ESG’. Het kantoor adviseert veel klanten over de Environmental, Social en Governance-doelen. Over meer dan twintig aan ESG-gerelateerde onderwerpen staan publicaties online, met kort het probleem, de relevante regelgeving en wat Hogan Lovells doet. Over alles is nagedacht, van green­washing tot climate change en van sustainable finance & investment tot insurance en meer.

Karen Jelsma heeft in Amsterdam de ESG-expertise geïnventariseerd en ziet de vraag ernaar toenemen: ‘ESG is rechtsgebiedoverstijgend, geen cliënt kan er meer omheen. De Europese Corporate Sustainability Reporting Directive is al in werking en op basis daarvan moeten bedrijven serieus rapporteren hoe ze meewerken aan het bereiken van ESG-doelen. Er komt nog veel meer regelgeving aan op dat vlak. Nederland staat ook echt op de kaart door collectieve acties, zoals de rechtszaken tegen Shell, maar ook in de bancaire sector speelt duurzaamheid een enorme rol.’

Als iemand over groen investeren en bankieren kan vertellen, is het banking en finance-partner Robert Masman (48): ‘Geld lenen is duurder geworden, bedrijven merken dat ook, maar als je in groen gaat, kun je misschien net wat goedkoper lenen of zijn er meerdere typen financiers bereid geld uit te lenen. In de kapitaalmarkten is een groene transitie bezig. Investeerders die geld uitlenen of beleggen in ondernemingen moeten onder meer aan kwaliteitseisen voldoen en daarin speelt duurzaamheid een steeds grotere rol. De grootste zorg van toezichthouders is green­washing, dat wordt ook hier een ding. In de VS zijn daarover al steeds meer rechtszaken. Dus als een bedrijf 100 miljoen euro ophaalt en zegt het te gebruiken voor een groene investering, moeten ze dat ook echt laten zien. Wij helpen klanten met contractuele documentatie, stellen een leningsovereenkomst op waarin staat waar het geld voor wordt gebruikt en hoe en wanneer er over gerapporteerd moet worden.’

Masman, die eerder bij een ander groot kantoor werkte, over de sfeer bij Hogan Lovells: ‘We zijn hier in Amsterdam best klein, maar juist daardoor is het een eenheid. Iedereen kent elkaar goed. Omdat we in kleine teams samenwerken, kun je als beginnend advocaat al direct het interessante werk doen, en heb je echt je eigen inbreng.’ Als voorbeeld van de vrije cultuur noemt hij een jongere collega die elk jaar drie maanden als digital nomad wil werken. ‘Die werkte vorig jaar nog vanuit Warschau. Als ik dat had gevraagd in mijn begintijd in de advocatuur, hadden ze me waarschijnlijk een enkele reis aangeboden, maar het kan prima natuurlijk.’

‘De wens om een responsible business te zijn, gaat ook op voor de eigen organisatie,’ benadrukt business development-manager Beatrijs van Selm (52). Deze week staat in het kader van mental health, die is afgetrapt met een lezing over werkgeluk. Dat werkgeluk zit voor Danielle du Bois-Buné ook in het werken in diverse teams: ‘Een goede balans vind ik erg belangrijk. Wereldwijd willen we minimaal dertig procent vrouwelijke partners hebben, en daar voldoen we in Amsterdam al jaren aan.’

Onder responsible business verstaat Hogan Lovells ook vrijwilligerswerk en pro-bonowerk. Iedere medewerker, van secretaresse tot partner, moet jaarlijks 25 uur besteden aan vrijwilligerswerk. Dat kan ook gezamenlijk worden gedaan. Deze middag gaan ze met zo’n dertig advocaten en stafmedewerkers naar het Amsterdamse Vondelpark voor een clean-up. De activiteit wordt begeleid door ‘Adam helpt’, een bedrijf gespecialiseerd in corporate volunteering. Er zit een spelelement in, wie het eerst de bingokaart met tekeningen van zwerfvuil vol heeft, wint. De auteur van dit stuk prikt een stukje zwerfvuil mee. Na een aarzelend begin – ‘we kunnen ook gelijk op het terras gaan zitten’, oppert een deelnemer – gaan ze gewapend met een grijper en een vuilniszak het rondslingerend afval in het stadspark te lijf. Geen van hen vindt een prijswinnende pizzadoos of een kleding­stuk, maar sigaretten­peuken, plastic en papier zijn er des te meer. Niemand maalt erom, niet alles is een wedstrijd voor deze advocaten.