vak & mens
De strijd tegen zware criminaliteit vraagt om gecombineerde huisvesting van rechtbank en gevangenis. Tegelijkertijd moet het gevangeniswezen bezuinigen op de bedrijfsvoering. En er zijn nog meer beren op de weg.
Minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming) heeft een hoop ambities, maar de modernisering van het gevangeniswezen gaat nog niet bepaald voor de wind. De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) kampt met financiële tekorten en de komst van de nieuwe Law Delta in Vlissingen is vertraagd.
Bovendien kreeg eind maart het systeem van meerpersoonscellen een gevoelige klap. Een 58-jarige man werd in de gevangenis in Krimpen aan den IJssel door een celgenoot om het leven gebracht. SP-Kamerlid Michiel van Nispen stelde schriftelijke vragen hierover aan Weerwind. Ongeveer dertig procent van de gedetineerden deelt een cel. Voldoet dat systeem nog? Wat de minister betreft nog wel. Hij schreef: ‘Ik zie een meerpersoonscel als een volwaardige vorm van detentie, die het ook mogelijk maakt flexibeler in te spelen op wisselende capaciteitsbehoefte.’
De DJI gaat gebukt onder fikse financiële tekorten. Huisvesting is een grote kostenpost, net als ICT, personeel en de veranderende gevangenispopulatie. Bij ongewijzigd beleid loopt het huidige tekort van 201 miljoen euro op naar 398 miljoen euro in 2032. Onderzoeksbureau PriceWaterhouseCoopers (PwC) adviseerde de minister in te grijpen met forse bezuinigingen. Weerwind heeft de adviezen van PwC deels overgenomen en de voorlopige plannen in de zomer van 2022 gepresenteerd. Daardoor zal het structurele tekort bij de DJI oplopen naar ‘slechts’ 187 miljoen in 2032.
‘Een maatregelenpakket van deze omvang vraagt om stevige en soms ook pijnlijke keuzes,’ lichtte Weerwind toe. Een van de structurele maatregelen die hij wil nemen, is het bevriezen van de capaciteit van het gevangeniswezen op het huidige niveau. Op dit moment zijn er 11.100 plaatsen verdeeld over vijftig locaties (inclusief het Caribisch gebied). De laatste twee jaar blijkt er een (fors) lagere bezetting dan voorspeld in de ramingen en dus zijn er genoeg cellen, ook bij stijging van de capaciteitsbehoefte. Het versoberen van detentieomstandigheden wil Weerwind niet doorvoeren omdat het ten koste gaat van de interne veiligheid en het humane detentiebeleid. Wel wil de minister voor lichtere delicten meer maatwerk toepassen, zoals het gebruik van een enkelband als hoofdstraf voor kortlopende straffen en zelfmelders, verruiming van taakstrafuren of het herintroduceren van een leerstraf (volgens cijfers van de DJI van vorig jaar is 47 procent van de gedetineerden binnen een maand weer vrij).
Verwarming
Jaap Brandligt van Bonjo, belangenbehartiger van (ex-)gedetineerden, juicht deze plannen toe: ‘Uitbreiding van leer- en taakstraf en elektronische detentie lijkt ons grote winst. Bij een korte gevangenisstraf loop je als verdachte toch kans om je baan te verliezen, je relatie of soms zelfs je huis. Dat levert de maatschappij geen moer op. Ik hoop dat er een politieke meerderheid voor te vinden is.’ Strafpleiter Alrik de Haas, ook voorzitter van Stichting Mens en Strafrecht: ‘Het is een steeds terugkerende discussie: wat willen we als maatschappij bereiken met straf? Gaan we het pad op van verruwing of kunnen we met een vleugje liefde naar mensen kijken en ons realiseren dat iedereen in aanraking kan komen met het strafrecht?’
Hoewel fors moet worden bezuinigd op de bedrijfsvoering bij de DJI, belooft de minister dat er geen werknemers worden ontslagen, gebouwen worden afgestoten of inrichtingen worden gesloten. (Bovenwettelijke) verduurzaming is even in de ijskast gezet, de verwarming in de gevangenissen was vorig jaar herfst al op negentien graden gezet. De geplande investeringen blijven overeind, zoals de aanpak van de vermenging van grenzen tussen de onder- en bovenwereld: de ondermijning en die voor de bouw van een tweede EBI in een Justitieel Complex in Vlissingen (JCV).
Eerst geloven dan zien
Het kantoor van Samantha van de Voorde, Qudos advocaten, is gevestigd in Middelburg. Voor Zeeuwse advocaten is een justitieel complex in de eigen regio een zegen. De strafrechtadvocaat, geboren en getogen op Walcheren, juicht – net als veel van haar Zeeuwse vakgenoten – de komst van het JCV naar de regio toe. ‘Zeeuwse advocaten hebben toch het idee dat het echte werk zich elders in het land afspeelt. We hebben hier de laatste jaren te maken met een wegtrekkende beweging. Het arrondissementsparket van het Openbaar Ministerie is, op wat losse werkplekken na, een paar jaar geleden vertrokken naar West-Brabant. Er heerst hier nog altijd de angst dat de rechtbank in Middelburg naar Breda gaat. Wat dat betreft, is de komst van het JCV naar deze uithoek van het land een positieve beweging. Zeker ook voor advocaten die zware criminelen bijstaan. Maar: eerst zien, dan geloven. Erg concreet en logisch zijn de plannen nog niet.’
De komst van het JCV is inderdaad nog verre van realiteit. De inkt van het besluit was amper droog, toen de bouw van de Law Delta twee jaar werd uitgesteld, naar 2030. Gedoe rondom de aanbesteding, de stikstofproblematiek en de oorlog in Oekraïne zijn de voornaamste oorzaken. ‘Ik kan mij de teleurstelling in Zeeland dan ook goed voorstellen. De actualisatie van de planning is een forse tegenvaller voor Zeeland en voor ons,’ antwoordde Weerwind op Kamervragen. Wat de minister betreft, komt deze keer van uitstel geen afstel.
Hoe zat het ook alweer? In de zomer van 2020 besloot de regering dat er een tweede Extra Beveiligde Inrichting (EBI) met extra beveiligde rechtbank in Vlissingen moest komen. Het project met de ambitieuze naam ‘Wind in de zeilen’ gold als genoegdoening voor de Zeeuwen die de komst van de marinierskazerne aan zich voorbij hadden zien gaan. De mariniers, die zetelen in Doorn, wilden niet naar Zeeland verkassen. Voor het nieuw te bouwen Justitieel Complex, inclusief het verbeteren van de infrastructuur en enkele andere compensatiemaatregelen om de Zeeuwse economie te stimuleren, werd 700 miljoen euro gereserveerd.
In de strijd tegen de toegenomen georganiseerde zware criminaliteit en extreem gevaarlijke criminelen zijn er, naast Vught op Schiphol (JCS) een extra beveiligde zittingszaal en een extra beveiligd detentiecentrum waar gedetineerden kunnen overnachten. In Lelystad opent naar verwachting in 2028 een extra beveiligde rechtbank ter vervanging van de Bunker in Amsterdam-Osdorp. In Lelystad komen, net als al het geval is op Schiphol, overnachtingscellen voor gedetineerden met een vlucht- of maatschappelijk risico. Een Justitieel Complex in Lelystad wordt nog verder onderzocht.
Vanaf 2030 zou in Vlissingen (JCV) een hoog beveiligde rechtbank komen, een PI en een tweede EBI.
Uit Kamervragen van begin dit jaar blijkt dat er geen plannen zijn voor een derde (mini-)EBI. Om het ‘gat’ tussen een gewone gevangenis en een EBI op te vullen, komen er drie uitgebreid beveiligde inrichtingen bij (AIT: Afdeling Intensief Toezicht) in Arnhem, Sittard dit jaar en Lelystad op termijn. Er zijn al drie AIT’s: in Krimpen aan den IJssel, Alphen aan den Rijn en Leeuwarden.
Liever kwijt dan rijk
Zeeland was blij, maar niet iedereen deelde het enthousiasme. Misdaadverslaggever Paul Vugts schreef in Het Parool: ‘Dat het zo noodzakelijke nieuwe zwaarbeveiligde gevangenis-met-rechtbankcomplex in de zuidwestelijke uithoek van het land komt, is nergens een oplossing voor. Behalve voor het landsbestuur, dat valse beloftes moest compenseren… Zoals zo vaak dacht de overheid alleen aan de overheid en mogen advocaten, tolken en journalisten zelf uitzoeken waar ze overnachten of hoe ze op tijd in Vlissingen komen.’ Aan een ‘overnachtingsfaciliteit’ voor rechters en aanklagers is overigens wel gedacht.
Alrik de Haas (Weening Strafrechtadvocaten): ‘Het is raar als deze beroepsgroepen niet als volwaardig worden erkend en ondersteund.’ Jaap Brandligt van Bonjo vindt het compensatieproject vooral nutteloos: ‘Zeker in verhouding tot het geld dat voor het Justitieel Complex in Vlissingen is begroot, ook nog eens een uithoek waar de meeste gevangenen geen partner of familie hebben wonen. Al snappen we wel dat de Zeeuwen er blij mee zijn.’
Om het hoog aantal ontsnappingen uit gevangenissen te beteugelen (de piek was 118 in 1984), werd eind jaren tachtig besloten vluchtgevaarlijke criminelen te plaatsen in vier Extra Beveiligde Afdelingen (EBA’s). Dat bleek geen succes: ook daar vond een aantal ontsnappingen plaats. Dus moest er een gevangenis komen voor gedetineerden met een extreem vluchtrisico of waarbij er ernstige verdenking was dat het crimineel handelen achter gesloten deuren werd voortgezet. Bij de Penitentiaire Inrichting (PI) Vught kwam, eerst tijdelijk en vanaf 1993 definitief, een Extra Beveiligde Inrichting (EBI). Geen enkele gedetineerde is tot nog toe uit de EBI ontsnapt.
Minister Weerwind wil de Penitentiaire beginselenwet (Pbw) wijzigen, zodat er videotoezicht kan worden gehouden op het contact tussen EBI-gedetineerden en hun advocaten. Ook wordt voorgesteld om het aantal strafrechtadvocaten bij deze groep te beperken tot twee. De NOvA heeft kritiek geuit op deze beperkende detentiemaatregelen. Zij zetten vrij en vertrouwelijk verkeer tussen advocaat en cliënt ‘ernstig onder druk’, aldus de NOvA. De Afdeling advisering van de Raad van State vindt dat Weerwind nut en noodzaak van de maatregelen beter moet onderbouwen.
De Vughtse burgemeester Roderick van de Mortel (VVD) liet eerder weten de gevangenen van de zwaarste categorie liever kwijt dan rijk te zijn. Met name tijdens het kwetsbare transport van vluchtgevaarlijke verdachten van de EBI in Vught naar de extra beveiligde rechtbank in Amsterdam. Van de Mortel pleitte daarom naast een tweede EBI in Vlissingen ook voor een eigen (kleine) zittingszaal in Vught. Begin dit jaar kondigde de minister aan dat die er komt, overigens zonder een datum te noemen. Kosten: vijftien miljoen euro.
Overigens kan een rechter sinds 1 januari al beslissen dat een verdachte niet fysiek aanwezig hoeft te zijn in de rechtbank en de zitting kan volgen in een speciale verhoorkamer met videovoorziening. ‘Videobellen heeft sinds corona een hoge vlucht genomen en veel zaken in een stroomversnelling gebracht,’ constateert Alrik de Haas. ‘In veel gevallen kan dat waardevol zijn, maar je moet elke zaak apart blijven beoordelen. Ik zie dat de praktijk omwille van de efficiëntie steeds meer naar beeldbellen beweegt. Dat baart mij zorgen. Uit ervaring en onderzoeken blijkt dat rechtstreekse ondervraging veel doeltreffender is. Dat geldt niet alleen bij gedetineerden, maar ook voor bijvoorbeeld het verhoor van getuigen.’
Goed gesprek
De Tweede Kamer heeft kritische vragen gesteld over de structurele bezuinigingsmaatregelen, maar vooralsnog gaat een meerderheid akkoord. Volgens planning stuurt Weerwind nog voor het zomerreces een verdere uitwerking van zijn plannen naar de Tweede Kamer. Ook komt hij tegen die tijd met aanvullende maatregelen, over hoe hij de resterende tekorten bij de DJI in balans wil brengen. Een mogelijke bezuinigingsmaatregel is de (her)invoering van een inkomensafhankelijke bijdrage in de forensische zorg waarmee de minister 4 miljoen wil besparen. De woordvoerder van Weerwind laat weten dat de bijdrage alleen geldt voor de gedetineerden die het kunnen betalen. Dat laatste lijkt Jaap Brandligt van Bonjo geen goed idee: ‘Gevangenen zijn meestal niet zo rijk en hebben geen geld.’ Strafrechtadvocaat Samantha van de Voorde: ‘Met een eigen bijdrage zou het bovendien voor verdachten makkelijker kunnen worden om behandeling te weigeren, want het kost dan immers geld. Het feit dat verdachten het kunnen betalen, wil nog niet zeggen dat ze daartoe bereid zijn.’
‘Ik mis in alle plannen het goede gesprek tussen de togadragers,’ besluit De Haas. ‘Sinds de moord op advocaat Derk Wiersum (2019), Peter R. de Vries (2021) en de ontsnappingsplannen van Ridouan Taghi was het logische uitgangspunt: we moeten wat doen. Maar het mag geen incidentenpolitiek en incidentenwetgeving worden. Wij moeten als advocaten samen met andere togadragers als rechters en officieren van justitie kijken wat er binnen bestaande bevoegdheden mogelijk is. Ga de dialoog aan met elkaar voordat het risico bestaat dat de positie van huidige en toekomstige verdachten in onze Nederlandse rechtsstaat onnodig tekort wordt gedaan.’